Inside Ruifbal: De groepsdans van Åland

De Ballu Snø Wåk in 1956
De Ballu Snø Wåk in 1956
De naam van de rituele groepsdans die de leden van het nationale team van Åland aan het begin van iedere wedstrijd uitvoeren heet Ballu Snø Wåk. De dans begon ooit spontaan als cancan voorafgaand aan de kwartfinale-wedstrijd op het WK in 1901 tegen het toen nog internationaal oppermachtige Naura. De mannen en vrouw van Åland stelden zich op in een rij en wierpen tegelijkertijd hun benen zo hoog mogelijk in de lucht in een poging de gevreesde tegenstander te imponeren. Of dat geholpen heeft of niet, Åland versloeg de gedoodverfde toernooiwinnaar met een overtuigend 25-13/driepaal, en een traditie was geboren: de Ålanders hebben sindsdien geen wedstrijd gespeeld zonder eerst hun indrukwekkende Ballu Snø Wåk te laten zien. Het is onduidelijk hoe de simpele dans uit 1901 heeft kunnen uitgroeien tot de huidige, uiterste complexe choreografie in een ruit.

Gerard Bakhuys toegevoegd aan begeleidingsteam EK Ruifbal

Gerard Bakhuys
Gerard Bakhuys
Op het laatste moment is Gerard Bakhuys toegevoegd aan de staf van het Nederlands Ruifbalteam. De 62-jarige Bakhuys zal als concentratietrainer meegaan naar Tórshavn, waar volgende week het EK Ruifbal voor B-landen los zal barsten. Bondscoach Patrick van Coevorden is blij met de hulp van Bakhuys: “De ervaring van Gerard zal ongetwijfeld van pas komen. Vooral naast het veld, want hij mag met zijn rolstoel toch het veld niet op.”
Lees verder Gerard Bakhuys toegevoegd aan begeleidingsteam EK Ruifbal

Gerard Bakhuys, ruifballegende op krukken

gerardbakhuysRuifbal is in Nederland nooit een grote sport geweest. Toch speelde ons land in de vroege jaren ’80 kortstondig een niet onverdienstelijke bijrol op het internationale ruifbalpodium. Talenten als Barry Bolshof, Cor van ’t Reef, Ben Welkmans en natuurlijk de broertjes Buitenkerk speelden wekelijks in de grote buitenlandse competities en zorgden voor een opleving van de populariteit van de sport in hun thuisland. Het was dan ook niet meer dan logisch dat de KNRB in 1983 Nol Kickers, als speler en trainer succesvol bij FC Tarragona, aanstelde als hoofdtrainer van het nationale team. Aangevuld met jonge talenten uit de Nederlandse competitie wist Kickers een hecht team te smeden waarin iedereen voor elkaar wilde werken en waarin reputaties geen rol leken te spelen.

Het Nederlands ruifbalteam kon zich in 1985 voor het eerst in meer dan 40 jaar kwalificeren voor een eindronde: het Europees Kampioenschap in Tsjechoslowakije. Nadat in de voorgaande wedstrijden in Poule C, de Poule des Doods, onder andere knap was gewonnen van regerend wereldkampioen Polen, twee maal gelijk werd gespeeld tegen de Noren (toen nog een grootmacht) en aan de confrontatie met angstgegner Griekenland één punt uit twee wedstrijden was overgehouden, wachtte in de laatste kwalificatiewedstrijd viervoudig wereldkampioen en titelverdediger Oost-Duitsland. In Helmond was Nederland eerder getrakteerd op een pijnlijke 3-2-1/8 nederlaag, dus stond Oranje in de return in Erfurt voor de loodzware taak om tegen de torenhoge favoriet met minstens twee doelpunten verschil uit twee innings te winnen, danwel via een overtal in één van beide extra runs een half punt uit te lopen, mits de laatste run zonder stops werd afgewerkt. De Oost-Duitsers hadden voor een ticket naar het EK genoeg aan één punt op vier uit één van de eerste runs of een enkele inning zonder overtal in buitenpositie. Het was duidelijk wat Oranje te doen stond!

Gerard Bakhuys
Tijm Magazine zocht de man op die in de Hel van Erfurt op die gure februarimiddag in 1985, nu precies dertig jaar geleden ruifbalgeschiedenis zou schrijven: Gerard Bakhuys, inmiddels 61.

Gerard (Gerrie, Ger de man, Het Beest) Bakhuys had een moeilijk seizoen bij zijn club RKRVL achter de rug. Door blessureleed en schorsingen zat hij al een tijd op de reservebank. Maar in Oranje was hij gedurende de hele kwalificatiereeks een vaste waarde geweest tussen de ruifpalen. Kickers gaf de voorkeur aan Bakhuys boven de jongere, maar in grote wedstrijden vaak onzeker ruivende Nigel Morgenland van AC Napolitano. Het EK moest het laatste klusje worden van de toen 31 jarige Ulestratenaar.
Lees verder Gerard Bakhuys, ruifballegende op krukken